Een flens voor stalen buis, ook wel buisflens of stalen flens, is een ring of plaat met bevestigingsgaten die je op het buiseinde last of schroeft, zodat je twee leidingdelen demontabel en lekvrij koppelt. In voertuig- en tankopbouw zie je twee uitvoeringen: de vierkantflens met een boutpatroon van 120 tot 370 mm, en de ronde norm- of E-flens in nominale maten van 3 tot 10 inch. De flens zelf dicht niet af: dat doet de flensafdichting ertussen, meestal een SBR-pakking van 70 Shore A.
Bij INDI vind je de stalen buisflens en de bijbehorende afdichting in één categorie. Vierkantflenzen in 3, 4, 6 en 8 inch, blinde uitvoeringen vlak en verhoogd, een vierkantflens met snelsluiting, ronde 6-gaats flenzen van Battioni Pagani en een stalen draadflens volgens DIN 2566.
Daarnaast pakkingen voor norm- en E-flenzen van 4 tot 12 inch, SBR70-pakkingen en rubber op rol van 1,40 x 1,0 m in 4 en 6 mm, waaruit je een pakking op maat snijdt.
Een flens koppelt twee stalen buisdelen met bouten in plaats van met een lasnaad. Daardoor draai je de verbinding open met een steeksleutel, wissel je een pakking of een afsluiter en bouw je de leiding weer dicht. Bij onderhoud aan een vacuümpomp of een tankopbouw scheelt dat uren.
Het afdichtende werk doet de pakking. Staal op staal lekt altijd, hoe netjes de vlakken ook zijn. De boutkracht perst het rubber in de microgroefjes van het flensvlak en vormt zo een doorlopende barrière rond de doorlaat.
| Uitvoering | Herken je aan | Waar je hem tegenkomt |
|---|---|---|
| Vierkantflens | Vierkante plaat, meestal 8 gaten op 150 mm hart-op-hart | Tankwagens, vacuümpompen en opbouwen met een vlakke montageplaat |
| Blinde vierkantflens, vlak of verhoogd | Zelfde boutpatroon, dichte plaat zonder doorlaat | Een aftakking of pompaansluiting die je dichtzet of afdopt |
| Vierkantflens met snelsluiting | Vierkante flens met klemsluiting in plaats van losse bouten | Leidingdelen die je regelmatig opent, bijvoorbeeld voor reiniging |
| Ronde normflens | Ronde ring, boutcirkel vastgelegd per nominale maat | Vaste leidingdelen en aansluitingen op afsluiters en appendages |
| Ronde 6-gaats flens | Ronde flens met zes bevestigingsgaten | Zuig- en perszijde van vacuümpompen in 4 en 6 inch |
| Lasflens | Flensring met lasvoorbereiding aan de buiszijde | Permanente leidingdelen in een frame of tegen een tankwand |
| Instelbare flens | Losse flensring die om het gekraagde buiseinde draait | Uitlijnproblemen en boutgaten die net niet in lijn vallen |
| Flensafdichting (pakking) | Rubberen ring of vlakke plaat op flensmaat, 2 tot 23 mm dik | Tussen elk flenspaar, bij iedere demontage vernieuwen |
Let op het onderscheid tussen een normflens en een E-flens. Bij dezelfde nominale maat verschilt de pakking: een 6 inch normflens vraagt een andere afdichting dan een 6 inch E-flens. Neem de uitvoering dus mee in je keuze, niet alleen de inchmaat.
De maat van een stalen buisflens volgt uit drie gegevens: de nominale maat in inch, de afstand tussen de bevestigingsgaten en het aantal gaten. Die drie samen bepalen of de flens past. De buitendiameter alleen zegt te weinig.
In voertuig- en tankopbouw loopt de maatvoering in inch, van 3 tot 10 inch, met 6 inch als meest voorkomende maat. Metrisch leidingwerk volgt EN 1092-1 met DN-maten en drukklassen zoals PN 10 en PN 16. Meet je een DN-flens op, kijk dan bij leidingen en fittingen.
| Kenmerk | Bereik in deze categorie | Meest voorkomend |
|---|---|---|
| Nominale maat | 3, 4, 5, 6, 8 en 10 inch | 6 inch |
| Afstand bevestigingsgaten | 120 tot 370 mm | 150 mm |
| Aantal bevestigingsgaten | 6, 8 of 12 | 8 |
| Diameter bevestigingsgat | 9 tot 22 mm | 13 mm |
| Buitendiameter | 150 tot 445 mm | 150, 225 en 280 mm |
| Binnendiameter (doorlaat) | 75 tot 320 mm | 150 mm |
| Dikte flens of pakking | 2 tot 23 mm | 3, 8 en 10 mm |
| Materiaal | Staal, RVS, SBR-rubber en rubber | Staal voor de flens, SBR voor de pakking |
Eén rekentruc bespaart je een misser bij vierkantflenzen: een patroon van 150 mm hart-op-hart geeft een diagonaal van 212 mm tussen twee tegenover elkaar liggende gaten. Meet je 212 mm over de diagonaal, dan zit je op het 150 mm patroon en filter je daarop.
Met vijf maten bepaal je de juiste flens, ook zonder documentatie. Dit is de vraag die de productspecialisten van INDI het vaakst binnenkrijgen: de machine staat stil, het onderdeel is kapot en er ligt geen tekening.
| Maat | Hoe je hem meet | Waarom het uitmaakt |
|---|---|---|
| 1. Afstand bevestigingsgaten | Hart-op-hart tussen twee gaten naast elkaar bij een vierkantflens, of tussen twee gaten tegenover elkaar bij een ronde flens | Dit is de maat waarop de flens past of niet past. Begin hier |
| 2. Aantal gaten en gatdiameter | Tel de gaten en meet één gat met de schuifmaat | Bepaalt de flensuitvoering en meteen de boutmaat |
| 3. Buitendiameter van de flens | Schuifmaat over het staal, op het breedste punt | Bepaalt of de flens binnen de beschikbare ruimte past |
| 4. Flensdikte | Schuifmaat op de rand, buiten een eventuele opstaande kraag | Bepaalt de benodigde boutlengte en de stijfheid van het vlak |
| 5. Buitendiameter van de buis | Schuifmaat op een schoon, rond en onbeschadigd stuk buis | Koppelt de flens aan de nominale maat in inch en aan de doorlaat |
Meet met een schuifmaat, niet met een rolmaat: op een boutcirkel scheelt een paar millimeter al een hele maat. Maak daarnaast een foto van beide flensvlakken en van de verbinding in de machine. Met die maten en foto's herkennen de specialisten van INDI meestal direct het type en de afdichtvorm.
SBR-rubber is de standaard voor water, lucht en neutrale media in stalen buissystemen, en het is het materiaal van vrijwel elke pakking in deze categorie. De aanduiding SBR70 verwijst naar een hardheid van circa 70 Shore A. Voor olie, brandstof of hoge temperatuur vraag je een ander rubbertype aan.
| Materiaal | Temperatuurbereik | Bestand tegen | Niet geschikt voor | Typische toepassing |
|---|---|---|---|---|
| SBR (styreen-butadieenrubber) | -40 tot +80 °C | Water, lucht en milde media | Minerale olie en veel oplosmiddelen | Standaard flensafdichting in stalen buissystemen, water- en luchtleidingen |
| NBR (nitrilrubber) | -30 tot +100 °C | Minerale oliën, vetten en brandstoffen | Sterke zuren en ozon | Olie- en brandstofsystemen, hydraulische leidingen |
| EPDM | -40 tot +130 °C | Water, stoom, veel zuren en logen, weersinvloeden | Minerale olie en brandstof | Buitentoepassingen, stoom en chemische installaties zonder olie |
| FKM (Viton) | -20 tot +200 °C | Olie, brandstof en veel agressieve chemicaliën, ook warm | Hete stoom en sterke logen | Hoge temperatuur en kritische afdichtingen |
| PTFE, eventueel gevuld | -200 tot +260 °C | Chemisch nagenoeg universeel | Flenzen met weinig boutkracht, vanwege de hoge benodigde vlaktedruk | Agressieve media of extreme temperaturen waar rubber tekortschiet |
Dit zijn algemene, indicatieve materiaalwaarden: de exacte grenzen verschillen per compound, hardheid en fabrikant. Het standaardassortiment in deze categorie draait op SBR. Voor NBR, EPDM, FKM of PTFE leg je medium, druk en bedrijfstemperatuur voor aan de productspecialisten van INDI.
Drie vaste regels bij de pakkingkeuze:
Snijd je een pakking uit rubber op rol, teken de gaten dan af op het flensvlak zelf in plaats van op de oude pakking. Een uitgerekte oude pakking geeft je een patroon dat een paar millimeter uit de pas loopt.
Het aanhaalmoment volgt uit de boutmaat, de boutkwaliteit en de opgave van de fabrikant, niet uit de nominale maat van de flens. Een norm als EN 1092-1 legt alleen de maatvoering vast en schrijft geen koppel voor. De boutmaat leid je af uit de gatdiameter in de flens.
| Gatdiameter in flens | Bijpassende boutmaat | Richtwaarde aanhaalmoment |
|---|---|---|
| 9 mm | M8 | 20 tot 25 Nm |
| 12 mm | M10 | 45 tot 50 Nm |
| 13 tot 14 mm | M12 | 80 tot 90 Nm |
| 15 mm | M14 | 125 tot 135 Nm |
| 18 mm | M16 | 190 tot 210 Nm |
| 22 mm | M20 | 380 tot 410 Nm |
Deze richtwaarden gelden voor droge, ongesmeerde bouten van kwaliteitsklasse 8.8 en dienen als vertrekpunt, niet als eindwaarde. Roestvaststalen of ingevette bouten en een dikke rubberen pakking vragen een lagere waarde. Houd altijd de opgave van de flens- of pakkingfabrikant aan zodra die afwijkt.
Draai kruislings aan in drie rondes, bijvoorbeeld op 30, 60 en 100 procent van het eindmoment. Gebruik een gekalibreerde momentsleutel: op gevoel zit je zowel in absolute waarde als in gelijkmatigheid vrijwel altijd mis. Trek na de eerste bedrijfsuren nog een keer na, want rubber zet zich.
Een pakking heeft een drukvenster. Te weinig spanning laat het medium langs de afdichting kruipen zodra de pomp op druk komt. Te veel spanning perst het rubber naar buiten, waarna het scheurt of permanent vervormt.
Een lekkende flens heeft bijna altijd één van vier oorzaken: te weinig of ongelijke boutspanning, een hergebruikte pakking, een vervuild of beschadigd flensvlak, of een pakkingmateriaal dat niet bij het medium past. Bepaal eerst waar het spoor begint, want een scheur in de buis of een poreuze lasnaad geeft hetzelfde beeld.
| Signaal | Waarschijnlijke oorzaak | Aanpak |
|---|---|---|
| Lek pas zodra de pomp op druk komt | Te weinig boutspanning, pakking buiten zijn drukvenster | Drukloos maken en kruislings natrekken op het opgegeven moment |
| Rubber puilt aan één zijde uit de flens | Ongelijk of te ver aangedraaid, extrusie van het rubber | Nieuwe pakking plaatsen en in rondes van 30, 60 en 100 procent aandraaien |
| Vochtplek of druppels onder het flensvlak | Versleten of eerder gedemonteerde pakking | Pakking vervangen, nooit hergebruiken |
| Bouten die je steeds opnieuw bijdraait | Pakking permanent vervormd, of trilling die de bouten losmaakt | Pakking vervangen en de borging van de bouten controleren |
| Sissend geluid bij lucht of gas onder druk | Lekpad langs een vervuild of bekrast flensvlak | Vlakken volledig reinigen en inspecteren op krassen en putjes |
| Zwelling, verharding of aantasting van het rubber | Verkeerd pakkingmateriaal voor het medium | Materiaal opnieuw kiezen aan de hand van de materiaaltabel hierboven |
| Korstvorming of roest rond de bouten | Lek dat al langer loopt en het vlak aantast | Verbinding demonteren en beide flensvlakken beoordelen |
| Drukverlies zonder nat flensvlak | Scheur in de buis, poreuze lasnaad of lekkende afsluiter | Omgeving droogmaken en het startpunt van het spoor opzoeken |
Is het afdichtvlak bol getrokken, diep bekrast of ingevreten, vervang dan de flens in plaats van hem te herstellen. Een nieuwe pakking op een slecht vlak lekt binnen korte tijd opnieuw. Twijfel je over de oorzaak, stuur dan een foto van de lekkende verbinding en van de oude pakking naar de productspecialisten van INDI.
Op mobiel materieel hangt de keuze af van één vraag: moet de verbinding vastzitten of moet hij meebewegen en snel los? Op een tankwagen of voertuigopbouw zie je meestal een combinatie: gelaste flenzen op de vaste leidingdelen, een vierkantflens tegen de tankwand of het pomphuis, en een tule op de delen die bewegen.
| Aansluiting | Kies deze bij | Let op |
|---|---|---|
| Lasflens | Vaste leidingdelen in een frame of tank, hoge druk en veel trillingen | Vraagt gecertificeerd lassen en een schone naad. Verplaatsen lukt alleen met zaag of brander |
| Draadflens (DIN 2566) | Kleinere maten en plekken zonder lasmogelijkheid, bijvoorbeeld een meetpunt | Gevoelig voor lostrillen. Gebruik een correcte draadafdichting en controleer periodiek na |
| Flens met tule | Delen die bewegen, kantelen of uitschuiven, en kleine uitlijnfouten | De slang en de klem bepalen de maximale druk, niet de flens |
| Instelbare flens | Boutgaten die net niet in lijn liggen, of een appendage in bestaand leidingwerk | De kraag neemt de axiale kracht op. Controleer de drukopgave van de fabrikant |
| Vierkantflens met snelsluiting | Verbindingen die je regelmatig opent voor reiniging of wisselen van opbouw | Controleer bij elke sluiting het afdichtvlak en de stand van de klem |
| Blinde vierkantflens | Een aftakking die je afdopt of een aansluiting die je tijdelijk dichtzet | Een blindflens vraagt dezelfde pakking en hetzelfde aanhaalmoment als een doorgaande flens |
Zit jouw onderdeel niet in deze categorie, dan vind je de rest van het leidingwerk ernaast. Voor richtingveranderingen kijk je bij bochtstukken met flens en tule, voor maatovergangen bij adapters en lasverloopstukken, en voor slangaansluitingen bij tules met flens of buisdraad.
Splits je een leiding of voeg je twee stromen samen, kijk dan bij de T-stukken en Y-stukken of bij de meerwegverdeelblokken met profielflens. Voor een draaiende aansluiting op een arm of een kantelend deel vind je de draaikoppelingen met toebehoren ernaast, en aan de zuigzijde de zuigkorven en buisstukken.
In flenzen en afdichtingen zit de kwaliteit in maatvastheid en materiaal. Een flens die 1 mm afwijkt op de boutcirkel past niet, en staal dat te zacht is trekt onder boutspanning bol. Daarom voert INDI merken die aantoonbaar op maat produceren.
Op een machine of opbouw is de flensverbinding vaak het punt met de meeste trillingen en de meeste demontagemomenten. Genormeerde onderdelen bestel je jaren later opnieuw en monteer je zonder aanpassing. Bij no-name onderdelen met ongeveer de juiste maat loop je tegen scheve afdichtvlakken en boutgaten die net niet vallen.
Monteurs, werkplaatsen en opbouwbedrijven in de industrie, aannemerij en machinebouw bestellen bij INDI de stalen flens en de bijbehorende afdichting in één order. Zoek op nominale maat, boutafstand, gatdiameter of materiaal, en schuif zo van "een flens" naar "deze flens".
Bestel de pakking altijd meteen mee. Een pakking hergebruiken is de snelste route naar een tweede storing, en een halve levering betekent een leiding die openligt terwijl de opbouw stilstaat. Staat het artikel op voorraad en bestel je voor 18:00 uur, dan ligt het de volgende werkdag op de werkplaats.
Wat dat in de praktijk voor je werkplaats betekent:
Vind je jouw maat niet terug, of twijfel je tussen een instelbare en een vaste flens? Neem contact op met de productspecialisten van INDI, of bekijk de volledige categorie stalen buizen en hulpstukken met daarin ook de fittings voor stalen buizen en bochten.
Dat bepaalt de flensverbinding als geheel, niet de pakking alleen. De toelaatbare druk volgt uit de uitvoering van de flenzen, de boutkwaliteit en het aanhaalmoment, en de pakking past binnen die specificatie. Kijk voor SBR70 altijd naar de opgave bij het specifieke artikel: daar staat het toepassingsgebied in druk en temperatuur. Temperatuur, medium en drukpieken zoals waterslag verlagen de praktijkgrens verder.
Er is geen vaste levensduur: medium, temperatuur, druk, trillingen en het aantal demontages bepalen samen hoe lang een pakking meegaat. Rubber verhardt en verliest veerkracht in de loop van de tijd, ook bij stilstand. Vervang de pakking bij elke demontage, bij zichtbare scheurtjes of verharding, en zodra je een flens steeds opnieuw bijdraait om hem droog te houden. Houd van je courante maten een setje op de plank, want de pakking is bijna altijd de reden dat een leiding openmoet.
Een pakking wisselen tussen twee bestaande flenzen doet een technisch onderlegde monteur zelf. Maak het systeem eerst drukloos en leeg en beveilig het tegen onverwacht opstarten, reinig beide flensvlakken volledig, centreer de nieuwe pakking en draai kruislings aan in rondes tot het opgegeven moment. Controleer daarna op druk en trek na de eerste bedrijfsuren nog een keer na. Haal er een specialist bij zodra er laswerk aan te pas komt of de verbinding een veiligheidskritische functie heeft.
Meer dan een druppelende buis. Een straal onder druk veroorzaakt letsel, gemorst medium maakt een vloer of trede glad, en lekkende olie of chemie brengt opruimkosten en aansprakelijkheid mee. In een zuig- of persleiding kost een lek bovendien capaciteit: de pomp trekt lucht aan, de druk valt weg en de cyclustijd loopt op. Een pomp die door een lekkende zuigflens lucht aanzuigt of droogloopt, raakt binnen korte tijd beschadigd, en die reparatie kost een veelvoud van een nieuwe pakking.
Wij staan voor je klaar.
Maandag - vrijdag 7 - 18 uur
